Franks homepage
Nieuw op de site
Contact
Zoeken
English

portret van H. Moulijn-Haitsma Mulier

Shakespeare:
Voorwoord
Bibliografie
Tekstverantwoording
Vertalingen
Bewerkingen
A Lover's Complaint
De sonnetvorm
Shakespeare-links

Vertalers:
Burgersdijk
Albert Verwey
J. Decroos
Boutens
Moulijn-Haitsma Mulier
Jan Campert
Hugo Claus


Tijdgenoten:
Edmund Spenser
John Donne


Statistieken/Privacy

LXI

Is het uw wil, dat in den langen nacht
Uw beeld mijn looden ooglid open houdt,
Verlangt gij dat uw schaduw met mij lacht,
Tot storen van mijn droom zich koen verstout,
Is het uw geest, die zich voor mij beweegt,
Dien gij ter schatting van mijn daden zendt,
Die al mijn slechtheid, al mijn ondeugd weegt,
Zooals haar uw naijvrig voelen kent?
O nee, ik weet, uw lied’ is niet zoo groot,
Mijn liefde is ’t, die slaap drijft uit mijn oog,
Mijn eigen trouw, die sluimring in mij doodt,
Die rust niet kent, voor z’u aan ’t kwaad onttoog,
Ik waak voor u, terwijl gij elders leeft,
Veraf van hem, die u in droom omgeeft.

Uit: H. Moulijn-Haitsma Mulier, Shakespeare – 50 sonnetten, Van Dishoeck, 1923.





Engelse tekst
   + nieuwe vertaling

oude spelling
Andere vertalingen:
Burgersdijk
Verwey
Decroos
Jan Campert
Jonk
Van der Krogt

Sonnet 1
Sonnet 2
Sonnet 3
Sonnet 4
Sonnet 5
Sonnet 6
Sonnet 7
Sonnet 8
Sonnet 9
Sonnet 12
Sonnet 15
Sonnet 16
Sonnet 18
Sonnet 19
Sonnet 22
Sonnet 23
Sonnet 25
Sonnet 27
Sonnet 29
Sonnet 33
Sonnet 35
Sonnet 36
Sonnet 37
Sonnet 47
Sonnet 48
Sonnet 49
Sonnet 50
Sonnet 54
Sonnet 55
Sonnet 56
Sonnet 61
Sonnet 65
Sonnet 66
Sonnet 73
Sonnet 75
Sonnet 76
Sonnet 77
Sonnet 81
Sonnet 90
Sonnet 91
Sonnet 97
Sonnet 102
Sonnet 109
Sonnet 116
Sonnet 117
Sonnet 128
Sonnet 132
Sonnet 145
Sonnet 150