Franks homepage
Nieuw op de site
Contact
Zoeken
English

de 'Droeshout-gravure' van Shakespeare


Shakespeare:
Voorwoord
Bibliografie
Tekstverantwoording
Vertalingen
Bewerkingen
A Lover's Complaint
De sonnetvorm
Shakespeare-links

Vertalers:
Burgersdijk
Albert Verwey
J. Decroos
Boutens
Moulijn-Haitsma Mulier
Jan Campert
Hugo Claus


Tijdgenoten:
Edmund Spenser
John Donne


Statistieken/Privacy

116

Let me not to the marriage of true minds
Admit impediments. Love is not love
Which alters when it alteration finds
Or bends with the remover to remove.
O no, it is an ever-fixed mark
That looks on tempests and is never shaken;
It is the star to every wand'ring bark,
Whose worth's unknown, although his height be taken.
Love's not Time's fool, though rosy lips and cheeks
Within his bending sickle's compass come.
Love alters not with his brief hours and weeks,
But bears it out even to the edge of doom.
    If this be error and upon me proved,
    I never writ, nor no man ever loved.

Een echtverbond van wie oprecht bemint
Kent geen belet. Die liefde is niet echt
Die omslaat als ze een verandering vindt
Of die tegen verwijdering niet vecht.
Liefde is een baken, waait met geen wind mee,
Zoals ze roerloos elke storm beziet
Is ze de Poolster van elk schip op zee,
Haar hoogte welbekend, haar waarde niet.
Tijd is haar niet de baas, al maait zijn zeis
De blos der jeugd die op de wangen lag.
Echt 'houden van' bezwijkt niet voor de tijd
Maar houdt fier stand tot aan de Jongste Dag.
   Wie ooit het tegendeel bewezen vindt,
   Zegt: geen mens heeft een ander ooit bemind.


Ik duld als trouw oprechte zielen bindt
Geen hindernissen. Liefde is geen liefde
Die omslaat als ze omslag ondervindt,
Of splijt nadat verwijdering haar kliefde.
O nee! Ze is een baken, steeds in zicht,
Ziet stormweer aan, maar heeft ervan geen weet,
Een ster waarop elk dwalend schip zich richt,
Waar men de stand, maar niet de zin van meet.
Ze is geen nar des tijds, al wijkt de gloed
Van mond en wangen voor zijn sikkelslag:
Ze blijft, waar vluchtigheid zich verder spoedt,
Volhardend zelfs tot aan de laatste dag.
   Zie ik het fout en wordt mij dit verklaard,
   Dan schreef ik nooit, had niemand lief op aard.


Wanneer verwante geesten willen trouwen,
Kom dan niet met bezwaren. Liefde is
Niets waard als je niet aan haar vast kunt houden,
Als ze zich plooit, gemist wordt bij gemis.
Nee, liefde is een baken in de tijd,
Weerstaat de storm en blijft steeds onbewogen.
Een schip in nood wordt door haar ster geleid.
Men kent haar waarde niet, maar schiet haar hoogte.
Tijds dwaas is liefde niet, ook al verbleken
Lippen en wangen op zijn sikkelslag.
Liefde verandert niet met uren, weken,
Zij houdt het vol tot op de jongste dag.
   Is dit onjuist? Bewijs het alsjeblieft.
   Dan schreef ik nooit en had geen mens ooit lief.


Laat mij het huwelijk van zielen trouw
Geen hinder toestaan, liefde is liefde niet
Die door een kentering zelf kenteren zou,
Of door de ruimer zich ooit ruimen liet.
 
O neen! Het is een baken dat steeds staat,
En stormen ziend, van wijken nooit wil weten;
De ster voor elke bark die zwerven gaat,
Peilloos, hoewel zijn hoogte wordt gemeten.
 
De dwaas der Tijd is liefde niet, hoewel
Zijn zeis de rozenwang bereiken mag;
Maar liefde ontsnapt aan zijn kortstondig spel,
En houdt het uit zelfs tot de oordeelsdag.
 
Is dit onwaar en toont men mij dat aan,
Dan schreef ik niets, heeft liefde ook nooit bestaan.




De vertaling van Arie van der Krogt is hier te lezen.

Commentaar

Een parodie op dit gedicht, van de populaire light-verse dichteres Wendy Cope, is hier te vinden.

Dit is werk in uitvoering. Een beetje uitleg over gedicht en vertaling hoop ik in de toekomst toe te voegen. Nieuwe vertalingen zijn ook altijd welkom! Als je zelf een vertaling hebt die je hier wel geplaatst of gelinkt wilt zien, mail me dan. Klik rechtsboven voor de vertalingen van Burgersdijk en Verwey. Ook andere vertalingen van dit sonnet, die hier of elders online staan, worden rechtsboven gelinkt.

Voor een Engelstalig commentaar op dit gedicht klik hier.




oude spelling

Andere vertalingen:
Burgersdijk
Verwey
Moulijn-Haitsma Mulier
Decroos
Jonk
Van der Krogt
C.W. Schoneveld

Sonnet 1
Sonnet 2
Sonnet 3
Sonnet 4
Sonnet 5
Sonnet 6
Sonnet 7
Sonnet 8
Sonnet 9
Sonnet 10
Sonnet 11
Sonnet 12
Sonnet 13
Sonnet 14
Sonnet 15
Sonnet 16
Sonnet 17
Sonnet 18
Sonnet 19
Sonnet 20
Sonnet 21
Sonnet 22
Sonnet 23
Sonnet 24
Sonnet 25
Sonnet 26
Sonnet 27
Sonnet 28
Sonnet 29
Sonnet 30
Sonnet 31
Sonnet 32
Sonnet 33
Sonnet 34
Sonnet 35
Sonnet 36
Sonnet 37
Sonnet 38
Sonnet 39
Sonnet 40
Sonnet 41
Sonnet 42
Sonnet 43
Sonnet 44
Sonnet 45
Sonnet 46
Sonnet 47
Sonnet 48
Sonnet 49
Sonnet 50
Sonnet 51
Sonnet 52
Sonnet 53
Sonnet 54
Sonnet 55
Sonnet 56
sonnet 57
Sonnet 58
Sonnet 59
Sonnet 60
Sonnet 61
Sonnet 62
Sonnet 63
Sonnet 64
Sonnet 65
Sonnet 66
Sonnet 67
Sonnet 68
Sonnet 69
Sonnet 70
Sonnet 71
Sonnet 72
Sonnet 73
Sonnet 74
Sonnet 75
Sonnet 76
Sonnet 77
Sonnet 78
Sonnet 79
Sonnet 80
sonnet 81
Sonnet 82
Sonnet 83
Sonnet 84
Sonnet 85
Sonnet 86
Sonnet 87
Sonnet 88
Sonnet 89
Sonnet 90
Sonnet 91
Sonnet 92
Sonnet 93
Sonnet 94
Sonnet 95
Sonnet 96
Sonnet 97
Sonnet 98
Sonnet 99
Sonnet 100
Sonnet 101
Sonnet 102
Sonnet 103
Sonnet 104
Sonnet 105
Sonnet 106
Sonnet 107
Sonnet 108
Sonnet 109
Sonnet 110
Sonnet 111
Sonnet 112
Sonnet 113
Sonnet 114
Sonnet 115
Sonnet 116
Sonnet 117
Sonnet 118
Sonnet 119
Sonnet 120
Sonnet 121
Sonnet 122
Sonnet 123
Sonnet 124
Sonnet 125
Sonnet 126
Sonnet 127
Sonnet 128
Sonnet 129
Sonnet 130
Sonnet 131
Sonnet 132
Sonnet 133
Sonnet 134
Sonnet 135
Sonnet 136
Sonnet 137
Sonnet 138
Sonnet 139
Sonnet 140
Sonnet 141
Sonnet 142
Sonnet 143
Sonnet 144
Sonnet 145
Sonnet 146
Sonnet 147
sonnet 148
Sonnet 149
Sonnet 150
Sonnet 151
Sonnet 152
Sonnet 153
Sonnet 154