Franks homepage
Nieuw op de site
Contact
Zoeken
English

de 'Droeshout-gravure' van Shakespeare

Shakespeare:
Voorwoord
Bibliografie
Tekstverantwoording
Vertalingen
Bewerkingen
A Lover's Complaint
De sonnetvorm
Shakespeare-links

Vertalers:
Burgersdijk
Albert Verwey
J. Decroos
Boutens
Moulijn-Haitsma Mulier
Jan Campert
Hugo Claus


Tijdgenoten:
Edmund Spenser
John Donne


Statistieken/Privacy

41

Those pretty wrongs that liberty commits,
When I am sometime absent from thy heart,
Thy beauty, and thy years full well befits,
For still temptation follows where thou art.
Gentle thou art, and therefore to be won,
Beauteous thou art, therefore to be assailed.
And when a woman woos, what woman's son
Will sourly leave her till she have prevailed?
Ay me, but yet thou mightst my seat forbear,
And chide thy beauty, and thy straying youth,
Who lead thee in their riot even there
Where thou art forced to break a twofold truth.
   Hers by thy beauty tempting her to thee,
   Thine by thy beauty being false to me.

Het koddig kwaad dat jij zo vrij begaat,
Ben ik soms even weg uit jouw gemoed,
Is iets dat jeugd en schoonheid heus wel staat,
Want steeds volgt jou verleiding op de voet.
Je bent verfijnd, dus het versieren waard,
Je bent charmant, dat lokt avances uit;
En als een vrouwtje vriendelijk kwispelstaart
Is er geen hond of hij verschiet zijn kruit.
Maar ach, dat jij nu in míjn pot komt roeren,
Gaf jij je pracht en jeugddrang maar de knoet,
Die jou in hun verkwisting daarheen voeren
Waar jij een dubbele eed licht breken moet:
   De hare als ze op je kaars afvliegt,
   De jouwe als je mij daarmee bedriegt.


Die slippertjes, die jij je permitteert,
Wanneer je hart mij af en toe niet kent:
Je jeugd en schoonheid worden fel begeerd.
Verleiding volgt je steeds, waar je ook bent.
Want je bent aardig, en dat doet begeren,
En je bent prachtig, daarom te beminnen.
Wie kan als vrouwenzoon een vrouw negeren
Die naar hem lonkt en hem voor zich wil winnen?
Wee mij! Waarom houd jij mijn plek niet vrij?
Je moet je jeugd en schoonheid toe gaan spreken.
Want door hun onrust word je zo verleid
Dat je twee trouwbeloften zult verbreken.
   Van haar, jouw moois zorgt dat ze valt voor jou.
   Van jou, jouw moois is mij met haar ontrouw.


Commentaar

Dit is werk in uitvoering. Uiteindelijk moet hier ook een nieuwe vertaling komen te staan, plus wat verklarende noten bij de Engelse tekst. Als je zelf een vertaling hebt die je hier wel geplaatst of gelinkt wilt zien, mail me dan.
Klik rechtsboven voor de vertalingen van Burgersdijk en Verwey. Ook andere vertalingen van dit sonnet, die hier of elders online staan, worden rechtsboven gelinkt.

Voor een Engelstalig commentaar op dit gedicht klik hier.




oude spelling

Andere vertalingen:
Burgersdijk
Verwey
Decroos
Jonk


Sonnet 1
Sonnet 2
Sonnet 3
Sonnet 4
Sonnet 5
Sonnet 6
Sonnet 7
Sonnet 8
Sonnet 9
Sonnet 10
Sonnet 11
Sonnet 12
Sonnet 13
Sonnet 14
Sonnet 15
Sonnet 16
Sonnet 17
Sonnet 18
Sonnet 19
Sonnet 20
Sonnet 21
Sonnet 22
Sonnet 23
Sonnet 24
Sonnet 25
Sonnet 26
Sonnet 27
Sonnet 28
Sonnet 29
Sonnet 30
Sonnet 31
Sonnet 32
Sonnet 33
Sonnet 34
Sonnet 35
Sonnet 36
Sonnet 37
Sonnet 38
Sonnet 39
Sonnet 40
Sonnet 41
Sonnet 42
Sonnet 43
Sonnet 44
Sonnet 45
Sonnet 46
Sonnet 47
Sonnet 48
Sonnet 49
Sonnet 50
Sonnet 51
Sonnet 52
Sonnet 53
Sonnet 54
Sonnet 55
Sonnet 56
sonnet 57
Sonnet 58
Sonnet 59
Sonnet 60
Sonnet 61
Sonnet 62
Sonnet 63
Sonnet 64
Sonnet 65
Sonnet 66
Sonnet 67
Sonnet 68
Sonnet 69
Sonnet 70
Sonnet 71
Sonnet 72
Sonnet 73
Sonnet 74
Sonnet 75
Sonnet 76
Sonnet 77
Sonnet 78
Sonnet 79
Sonnet 80
sonnet 81
Sonnet 82
Sonnet 83
Sonnet 84
Sonnet 85
Sonnet 86
Sonnet 87
Sonnet 88
Sonnet 89
Sonnet 90
Sonnet 91
Sonnet 92
Sonnet 93
Sonnet 94
Sonnet 95
Sonnet 96
Sonnet 97
Sonnet 98
Sonnet 99
Sonnet 100
Sonnet 101
Sonnet 102
Sonnet 103
Sonnet 104
Sonnet 105
Sonnet 106
Sonnet 107
Sonnet 108
Sonnet 109
Sonnet 110
Sonnet 111
Sonnet 112
Sonnet 113
Sonnet 114
Sonnet 115
Sonnet 116
Sonnet 117
Sonnet 118
Sonnet 119
Sonnet 120
Sonnet 121
Sonnet 122
Sonnet 123
Sonnet 124
Sonnet 125
Sonnet 126
Sonnet 127
Sonnet 128
Sonnet 129
Sonnet 130
Sonnet 131
Sonnet 132
Sonnet 133
Sonnet 134
Sonnet 135
Sonnet 136
Sonnet 137
Sonnet 138
Sonnet 139
Sonnet 140
Sonnet 141
Sonnet 142
Sonnet 143
Sonnet 144
Sonnet 145
Sonnet 146
Sonnet 147
sonnet 148
Sonnet 149
Sonnet 150
Sonnet 151
Sonnet 152
Sonnet 153
Sonnet 154