Franks homepage
Nieuw op de site
Contact
Zoeken
English

de 'Droeshout-gravure' van Shakespeare

Shakespeare:
Voorwoord
Bibliografie
Tekstverantwoording
Vertalingen
Bewerkingen
A Lover's Complaint
De sonnetvorm
Shakespeare-links

Vertalers:
Burgersdijk
Albert Verwey
J. Decroos
Boutens
Moulijn-Haitsma Mulier
Jan Campert
Hugo Claus


Tijdgenoten:
Edmund Spenser
John Donne


Statistieken/Privacy

7

Lo, in the orient, when the gracious light
Lifts up his burning head, each under eye
Doth homage to his new appearing sight,
Serving with looks his sacred majesty.
And having climbed the steep up heavenly hill,
Resembling strong youth in his middle age,
Yet mortal looks adore his beauty still,
Attending on his golden pilgrimage.
But when from highmost pitch with weary car
Like feeble age he reeleth from the day,
The eyes ('fore duteous) now converted are
From his low tract, and look another way.
   So thou, thyself out-going in thy noon,
   Unlooked on diest unless thou get a son.

Kijk naar het oosten, waar weldadig licht
Zijn vuurkop heft, en naar zichzelf élk oog leidt –
Dat hulde brengt aan zijn vernieuwd gezicht
En, kijkend, eer bewijst aan vrome hoogheid –
Dan langs de steile hemelboog omhoog rijdt,
De top bereikt als vent, stérk als een paard.
Wat sterven moet bewondert nog zijn schoonheid
En volgt attent zijn gouden pelgrimsvaart.
Maar na de top, zijn strijdkar een rollator,
Sloft hij bejaard en zwak de dag ten eind;
Steeds lager en steeds minder triomfator,
Lang ongezien voor hij uit beeld verdwijnt.
   Ook jij zult na je piek geen blik meer trekken,
   Voor aanzien moet je nu een zoon verwekken.

Zie, in het oosten, het weldadig licht
Verheft zijn brandend hoofd en ieder wezen
Betoont de eer aan zijn hernieuwd gezicht,
Zijn majesteit door elke blik geprezen.
Met zijn beklimming van de heuveltop
Geeft hij nog krachtig van zijn jeugd bewijs.
En stervelingen kijken naar hem op,
Volgen hem op zijn gouden pelgrimsreis.
Maar na de top begint zijn kar te schokken,
Hij kraakt en steunt, zwak op zijn oude dag.
En zijn publiek is dan al snel vertrokken,
Het is niet meer geboeid door wat het zag.
   Zo zul jij, nu nog stevig op je troon,
   Onopgemerkt verdwijnen zonder zoon.


Commentaar

Dit is werk in uitvoering. Een beetje uitleg over gedicht en vertaling hoop ik in de toekomst toe te voegen. Nieuwe vertalingen zijn ook altijd welkom! Als je zelf een vertaling hebt die je hier wel geplaatst of gelinkt wilt zien, mail me dan. Klik rechtsboven voor de vertalingen van Burgersdijk en Verwey. Ook andere vertalingen van dit sonnet, die hier of elders online staan, worden rechtsboven gelinkt.

Voor een Engelstalig commentaar op dit gedicht klik hier.




oude spelling

Andere vertalingen:
Burgersdijk
Verwey
Moulijn-Haitsma Mulier
Decroos
Jonk
Grandgagnage
Boutens

Sonnet 1
Sonnet 2
Sonnet 3
Sonnet 4
Sonnet 5
Sonnet 6
Sonnet 7
Sonnet 8
Sonnet 9
Sonnet 10
Sonnet 11
Sonnet 12
Sonnet 13
Sonnet 14
Sonnet 15
Sonnet 16
Sonnet 17
Sonnet 18
Sonnet 19
Sonnet 20
Sonnet 21
Sonnet 22
Sonnet 23
Sonnet 24
Sonnet 25
Sonnet 26
Sonnet 27
Sonnet 28
Sonnet 29
Sonnet 30
Sonnet 31
Sonnet 32
Sonnet 33
Sonnet 34
Sonnet 35
Sonnet 36
Sonnet 37
Sonnet 38
Sonnet 39
Sonnet 40
Sonnet 41
Sonnet 42
Sonnet 43
Sonnet 44
Sonnet 45
Sonnet 46
Sonnet 47
Sonnet 48
Sonnet 49
Sonnet 50
Sonnet 51
Sonnet 52
Sonnet 53
Sonnet 54
Sonnet 55
Sonnet 56
sonnet 57
Sonnet 58
Sonnet 59
Sonnet 60
Sonnet 61
Sonnet 62
Sonnet 63
Sonnet 64
Sonnet 65
Sonnet 66
Sonnet 67
Sonnet 68
Sonnet 69
Sonnet 70
Sonnet 71
Sonnet 72
Sonnet 73
Sonnet 74
Sonnet 75
Sonnet 76
Sonnet 77
Sonnet 78
Sonnet 79
Sonnet 80
sonnet 81
Sonnet 82
Sonnet 83
Sonnet 84
Sonnet 85
Sonnet 86
Sonnet 87
Sonnet 88
Sonnet 89
Sonnet 90
Sonnet 91
Sonnet 92
Sonnet 93
Sonnet 94
Sonnet 95
Sonnet 96
Sonnet 97
Sonnet 98
Sonnet 99
Sonnet 100
Sonnet 101
Sonnet 102
Sonnet 103
Sonnet 104
Sonnet 105
Sonnet 106
Sonnet 107
Sonnet 108
Sonnet 109
Sonnet 110
Sonnet 111
Sonnet 112
Sonnet 113
Sonnet 114
Sonnet 115
Sonnet 116
Sonnet 117
Sonnet 118
Sonnet 119
Sonnet 120
Sonnet 121
Sonnet 122
Sonnet 123
Sonnet 124
Sonnet 125
Sonnet 126
Sonnet 127
Sonnet 128
Sonnet 129
Sonnet 130
Sonnet 131
Sonnet 132
Sonnet 133
Sonnet 134
Sonnet 135
Sonnet 136
Sonnet 137
Sonnet 138
Sonnet 139
Sonnet 140
Sonnet 141
Sonnet 142
Sonnet 143
Sonnet 144
Sonnet 145
Sonnet 146
Sonnet 147
sonnet 148
Sonnet 149
Sonnet 150
Sonnet 151
Sonnet 152
Sonnet 153
Sonnet 154