Franks homepage
Nieuw op de site
Contact
Zoeken
English

portret P.C. Boutens


Shakespeare:
Voorwoord
Bibliografie
Tekstverantwoording
Vertalingen
Bewerkingen
A Lover's Complaint
De sonnetvorm
Shakespeare-links

Vertalers:
Burgersdijk
Albert Verwey
J. Decroos
Boutens
Moulijn-Haitsma Mulier
Jan Campert
Hugo Claus


Tijdgenoten:
Edmund Spenser
John Donne


Statistieken/Privacy

Twaalfde sonnet

Als ik de klok natel, die somt den tijd,
En hellen dag in valen nacht zie zinken;
Violen schouw haar eerste frischheid kwijt,
Der lokken zwart voor zilverwit zie slinken;
Als ’k trotsche boomen wier troondak den noen
Schaûwde voor ’t vee, terugzie naakt-ontblaêrd,
En, saamgegord in schooven, ’t zomergroen
Ter baar getorst met grauwen stoppelbaard,
Dan ga ik twijflen aan uw schoonen bouw,
Of die niet slooper Tijd straks valt ten buit;
Want schoon en lieflijk wordt zichzelf ontrouw,
Sterft even snel af als het nieuw ontspruit;
   Geen middel dat de zeis des Tijds afweert,
   Dan kroost dat standhoudt als hij u verneêrt.

Uit: P.C. Boutens, Verzamelde Lyriek, deel II, 1922-1943, Athenaeum-Polak & Van Gennep, 1968.



Aantekeningen:


r. 5 noen = middag.
r. 6 schaûwde = beschaduwde.
r. 14 verneêrt = vernedert.


Engelse tekst
   + nieuwe vertaling

12 oude spelling
Andere vertalingen:
Burgersdijk
Verwey
Decroos
Moulijn-Haitsma Mulier
Moulijn
Jonk
Verstegen
Van der Krogt
Van Oyen
Grandgagnage

Sonnet 1
Sonnet 2
Sonnet 3
Sonnet 4
Sonnet 5
Sonnet 6
Sonnet 7
Sonnet 8
Sonnet 9
Sonnet 10
Sonnet 11
Sonnet 12
Sonnet 13
Sonnet 14
Sonnet 15
Sonnet 16
Sonnet 17
Sonnet 18
Sonnet 19
Sonnet 20
Sonnet 21
Sonnet 22
Sonnet 23
Sonnet 24
Sonnet 25
Sonnet 26
Sonnet 27
Sonnet 28
Sonnet 29
Sonnet 30
Sonnet 31
Sonnet 32
Sonnet 33
Sonnet 34
Sonnet 35
Sonnet 52
Sonnet 95
Sonnet 109